donderdag 22 november 2007

Nieuw-Zeeland Christchurch en Dunedin

De dagen vliegen echt voorbij en daarom zal ik weer even mijn blog bijwerken, hoewel er niet echt veel is gebeurd in de tussentijd.
De laatste keer had ik het over het zwemmen met de dolfijnen in Kaikoura. Nu zit ik al een flink eind verderop in Invercargill.
Dat betekent ook dat er al weer de nodige tijd verloren is gegaan met reizen.
De dag na de dolfijnen bestond uit een busreis naar Christchurch en het verkennen van deze stad. Het kostte wat tijd om een hostel te vinden, maar ook dat is uiteindelijk gelukt.
Voor de rest valt er niet veel te melden van deze dag.
De volgende dag was er ook nog wat tijd over voordat de bus naar Dunedin vertrok en die tijd is voor een groot deel besteed aan het boeken van overnachtingen in Invercargill, Stewart Island en het vervoer hiernaar toe.
De reis naar Dunedin duurde ongeveer 6 uur en onderweg kregen we eerst een nederlands landschap voorgeschoteld wat aan het einde wat heuvelachtiger werd.
In de avond naar het hostel wat direct boven een poolbiljartzaal lag. Hele kleine 3-persoonskamer die zelfs voor 2 personen nog aan de kleine kant was.
Locatie boven een poolbiljartzaal vergoedde wel veel.
De eerste dag in Dunedin een flink stuk gelopen naar Baldwin Street. Volgens het Guiness Book of records, de steilste weg ter wereld. Gemiddelde stijging was 29,3% en het steilste stuk 35%.
Onderaan eerst wat foto's gemaakt, maar als je er bent wil je ook weten hoe het voelt en dus naar boven gelopen. En ik moet zeggen dat je kon merken dat het niet meer helemaal vlak was.


Naar beneden ging heel wat sneller en via de Botanical Garden naar de stad gelopen. Langs de haven en tenslotte maar een internetcafe ingedoken.
Het was mijn bedoeling om de blog bij te werken, maar helaas ben ik de hele tijd bezig geweest met het regelen van vervoer en onderkomen voor de komende tijd.
De Flexipass was namelijk niet zo flexi aangezien ik geen bustrip kon boeken van Invercargill naar Queenstown. Deze werd door een derde partij uitgevoerd, maar ook die bleek niet zonder problemen geboekt te kunnen worden.
Uiteindelijk dus maar de trip opgesplitst in 2 delen. Eerst naar Te Anau en dan de volgende dag naar Queenstown. En dat hield in dat er ook weer onderkomen gezocht moest worden in Te Anau.
En aangezien dat een populaire plek is, was dat ook niet zo snel gedaan.
Het is allemaal toch gelukt, maar kostte wel erg veel tijd. In de avond natuurlijk weer poolen (tussenstand 6-3).
Op woensdag hadden we een warme dag in Dunedin. Deze dag eerst in Dunedin besteed voordat in de middag een 'Wildlife tour' werd gedaan. Deze tour ging over het Otago schiereiland en hier veel verschillende vogels, pinguins, zeeleeuwen en zeehonden gezien.




En o ja, daar waren ook nog schapen, een zeer 'zeldzaam' dier hier in Nieuw-Zeeland ;-).

Ook nog een paar leuke stukjes gelopen en pas laat terug in Dunedin.
De laatste gedeeltelijke dag in Dunedin heb ik gevuld met het lopen van een kleine track naar Tunnel Beach. Het was erg fris en er stond een flinke wind. Ik had een goed jack bij me, maar Henne niet. Die is dus niet meegegaan.
Was een leuke wandeling; eerst de steile cliff naar beneden waar ooit iemand een tunnel had gehouwen om naar het strand te kunnen. Ik moet zeggen dat het een klein, maar leuk strand was. Door drie hoge wanden omgeven en bij mooi weer dus zeker de moeite van het bezoeken waard.


Terug omhoog was heel wat pittiger. Erg steil, maar het was maar een kort stukje van een kwartier.
Eind van de middag dan de bus van Dunedin naar Invercargill waar 1 overnachting is gepland voordat er doorgereisd wordt naar het Stewart Island.
Daarover de volgende keer meer.

Geen opmerkingen: